Van caverne naar installatie

Vanuit de cavernes komen twee buizen uit in twee putten aan de oppervlakte. Dit is ook het enige dat boven de grond zichtbaar is: een asfaltplaat met daarop twee putmonden. Een systeem met afsluitbare kleppen zorgt ervoor dat het gas gecontroleerd in en uit kan stromen. De cavernes zijn via ondergrondse pijpleidingen verbonden met de installatie. Deze installatie zorgt ervoor dat het gas in de cavernes kan worden gebracht en eruit kan worden gehaald. Dit proces wordt injecteren en uitzenden genoemd. De installatie is op zijn beurt aangesloten op het Nederlandse gastransportnet en bedient daardoor de hele Nederlandse gasmarkt. Vierentwintig uur per dag zorgt een volledig geautomatiseerd systeem ervoor dat de installatie veilig en ongestoord haar werk kan doen.