Zicht op aardgasbuffer Zuidwending, september 2015

Geplaatst op: 30 sep 2015

Soms krijgen we de vraag wat wij, als ondergronds opslagbedrijf, merken van de bevingen in Groningen. Of onze cavernes bestand zijn tegen bevingen met een kracht van 5.0 op de schaal van Richter. Onderzoek wijst uit dat dit het geval is. Onze cavernes, die zich ongeveer duizend meter onder het maaiveld bevinden, zijn daartegen bestand. En we houden de bodem om ons heen nauwlettend in de gaten. Want ook op dit punt: veiligheid voorop!

Onderzoek

Toen wij in 2012 hoorden dat de bevingen in het gaswinningsgebied Groningen ook sterker dan 3,9 kunnen worden, hebben wij direct laten onderzoeken wat dit voor ons kan betekenen. Onze verwachting was dat de cavernes en installatie daartegen bestand zouden zijn. We zijn een moderne installatie en bij de bouw van de buffer is gebruik gemaakt van de meest vooraanstaande technieken en materialen, maar we wilden het wel zeker weten.

We hebben daarom onder andere een wetenschappelijk onderzoek uit laten voeren door een vergelijking te maken met aardbevingen nabij cavernes elders op de wereld. Goed vergelijkbaar is bijvoorbeeld een natuurlijke aardbeving nabij Bad Lauchstaedt (Duitsland) met kracht 5. In de nabijheid van de aardbeving bevonden zich ook cavernes. Deze zijn uitvoerig onderzocht na de beving en bleken geen schade te hebben opgelopen.

Monitoring

De aanwezigheid van de zoutcavernes kan in beperkte mate zorgen voor bodemdaling. In beperkte mate, omdat het sigaarvormige ontwerp van de cavernes bijdraagt aan een geringe daling en we daarnaast de cavernes voortdurend onder gasdruk houden, waardoor een  tegendruk ontstaat voor de daling. De bodemdaling wordt continu gemonitord en bedraagt enkele millimeters per jaar.

We voeren regelmatig metingen uit. Met Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) hebben we afgesproken dat we elke vijf jaar een optische waterpasmeting  uitvoeren. Dat is een veelgebruikte methode, waarbij we gebruik maken van waterpastoestellen op driepoten. Voor dit najaar staan deze metingen weer gepland.

Daarnaast hebben we er in overleg met SodM voor gekozen om ook een GPS-meetsysteem te installeren dat continu metingen uitvoert en registreert. Eind 2013 zijn vier cavernes uitgerust met zo’n systeem. Samen bestrijken ze het hele caverneveld. Elke maand ontvangen wij gegevens van dit systeem. Het is nog te vroeg om conclusies aan deze metingen te verbinden.

Tenslotte monitoren we de bodemdaling ook met gegevens die we krijgen van InSAR, satellieten waarmee veranderingen in het aardoppervlak kunnen worden waargenomen.  De drie verschillende methodes vergelijken we met elkaar om een juist beeld te krijgen van het effect van onze activiteiten.

Door: Joost Hooghiem | Plant Manager Underground Storages

Meer nieuws